Opmerkzaamheid als stresshantering (deel 1)
Vrije transcriptie van een geleide meditatie door Frits Koster, van zijn onlangs verschenen CD ‘Inzichtmeditatie’ (uitgeverij Asoka).
“Zorg ervoor dat je op je gemak zit, ontspannen rechtop. Je kunt je bewust zijn van het rijzen en dalen van de buik ... zonder deze bewegingen te beïnvloeden kun je ze gewaar zijn en op een subtiele manier benoemen of registreren. En op momenten dat iets anders je aandacht in beslag neemt dan hoef je deze nieuwe ervaring niet te beschouwen als een verstoring of als iets dat minder belangrijk is; je kunt je dan eenvoudigweg bewust zijn van dit nieuwe meditatieobject. Zoals dit zich aan je voordoet en zolang het zich duidelijk manifesteert kun je je dan bewust zijn van het geluid, het luisteren, de gedachte, het lichamelijke gevoel, de emotie of wat zich op het moment ook maar duidelijk aan je voordoet.
In deze tweede geleide meditatie wil ik aandacht schenken aan hoe je tijdens de meditatie je energiehuishouding in balans kunt brengen. In het dagelijkse leven blijkt het een hele kunst te zijn om dit evenwicht te vinden en te bewaren. Zeker wij westerlingen schieten vaak in extremen.
Bij het ene uiterste leveren we een zeer grote inspanning. Vanuit een hoog arbeidsethos of gedreven door bijvoorbeeld een grote perfectiedrang of een hoog verantwoordelijkheids-gevoel, leveren we vaak een zeer grote inspanning. We moeten van alles van onszelf. We stellen hoge eisen en vertonen vaak een enorm grote wilskracht bij wat we doen. Enerzijds is dit een deugd, die leidt tot grote prestaties. Anderzijds kost dit ook enorm veel energie. Als schaduwzijde kan deze neiging op langere termijn dan ook leiden tot sterke vormen van vermoeidheid of soms ook tot symp-tomen van een burnout.
Ook tijdens de meditatie neigen we er vaak toe om heel erg ons best te doen. Misschien probeer je alles zo goed mogelijk te benoemen. Ook al zijn het rijzen en dalen of andere meditatieobjecten uit zichzelf eigenlijk helemaal niet zo duidelijk, toch lever je veel inspanning om je meditatie-ervaringen zo duidelijk mogelijk te maken. Of je neemt veel hooi op de vork door te proberen om alle pietepeuterige ervaring-en te benoemen of te registreren. Ook al is iets slechts vaag op de achter-grond aanwezig of allang weer verdwenen, toch probeer je het nog zo goed mogelijk te benoemen. Of als er sprake is van pijn, ongemak, een onplezierige emotie of onge-wenste gedachten, dat je veel energie stopt in het proberen deze ongewenste ervaringen kwijt te raken of te veranderen. Zo probeer je bijvoorbeeld om de onrust, het ongeduld of de fysieke spanning kwijt te raken en in feite vreet dit energie.
Als je dergelijke uitingen van een hoge inspanning in je meditatie herkent, dan hoef je deze niet te veroordelen. Het zijn patronen die waarschijnlijk te maken hebben met je karakter en diep in je manier van leven zijn ingebed. En in feite kun je deze tekenen van een grote inspanning heel goed gebruiken als meditatieobject. In plaats van ze te veroordelen, kun je ze rustig accepteren en benoemen. Bemerk je dat je aan het proberen bent om pijn, onrust of onplezierige gedachten stop te zetten of kwijt te raken, benoem dan deze neiging; bijvoorbeeld als ‘proberen’, ‘proberen’, ‘veroordelen’, ‘ongeduld’, ‘niet willen’. Of als je bemerkt dat je weerstand hebt of bang bent om jezelf toe te staan om moe, duf of gespannen te zijn, benoem dit patroon dan als ‘weerstand’, ‘vechten’ of ‘angst’. Je hoeft je niet vredig of fantastisch te voelen, het is OK zoals je bent. Of als je je juist enthousiast, gemotiveerd of geïnspireerd voelt, benoem dit dan ook. En door deze aspecten van een hoge inspanning te integreren als meditatieobject en ze te registreren op het moment dat je ze herkent, ontstaat er tegelijkertijd een stukje innerlijke ruimte, waardoor je niet meer onbewust gevangen zit of bepaald wordt door dit patroon.”
(wordt vervolgd)
|