Legers van Mara (deel I) - Frits Koster
In de praktijk blijkt dat vipassana of inzicht-meditatie lang niet altijd een eenvoudige klus is en dat je tijdens de beoefening hiervan allerlei obstakels kunt tegenkomen. De Boeddha heeft een aantal van dergelijke obstakels op een mooie manier gerangschikt in wat wel >de legers van Mara= genoemd worden. Mara is de moordenaar van deugdzaamheid en vernietiger van een heilzaam bestaan. Mara kan beschouwd worden als de boeddhistische variant op Satan en staat symbool voor allerlei verleidingen die je op het pad van meditatie kunt tegenkomen.
In de Sutta Nip~ta noemt de Boeddha tien verschillende legers, namelijk:
- Zintuiglijk genot en gehechtheid (k~ma)
- Ontevredenheid (arati)
- Honger en dorst (khuppip~sa)
- Verlangen (tanh~)
- Luiheid en slaperigheid (thina-middha)
- Angst (bhiru)
- Twijfel (vicikicch~)
- Schijnheiligheid en eigenwijsheid (makkha en thambha)
- Winst, faam en verering (l~bha, siloka en sakk~ra) entenslotte
- Zelfverheerlijking en verlagen van anderen (attukkamsana en paravambhana).
Deze tien legers kunnen door Mara ingezet worden, een mediterende in de problemen brengen en resulteren in verwarring of het opgeven van het meditatieproces. Om wat meer zicht te krijgen op de werking van Mara en om de tien legers vaardiger te kunnen opvangen wil ik ze in komende edities van de SIMsara één voor één onder de aandacht brengen.
1. Zintuiglijk genot en gehechtheid (k~ma).
Hiermee wordt in de eerste plaats bedoeld het opgaan in wat je ziet, hoort, ruikt, proeft, (aan)raakt of denkt. Op dat moment stagneert het objectieve observatieproces en vindt er geen verdieping plaats van het inzicht, totdat dit genoegen scheppen of genieten weer wordt benoemd. Dit kan echter soms lang duren of helemaal niet meer gebeuren. Mijn Birmese leraar in Wat Vivek Asom (Chonburi, Thailand) maakte niet voor niets altijd grapjes over mediterenden die tijdens een retraite loopmeditatie beoefenden, onderwijl eens rustig om zich heen gingen kijken en bij het zien van mannelijk of vrouwelijk schoon meteen stopten met het mediteren en een praatje gingen maken. In de geschriften is er een mooi voorbeeld van een monnik die zich voorgenomen had om meditatief een nacht op een berg door te brengen. Deze monnik raakte op een bepaald moment zo bedwelmd door de geluiden, geuren en lichten van het feest in het dorp aan de voet van de berg, dat ook hij de meditatie opgaf en zich in het gedruis begaf.
Ik zeg hier niet dat je niet mag genieten maar meer dat zintuiglijk genot een verleiding is die je als mediterende moet leren doorzien om werkelijke diepgang in het meditatieproces te krijgen. Vandaar de adviezen om je tijdens een retraite te gedragen als een blinde (dat wil zeggen niet om je heen kijken) en als een dove (je niet bemoeien met gesprekken). Daarnaast om telkens het zien, horen, ruiken, proeven, raken en denken te registreren op het moment dat dit plaatsvindt. Herken je een geluid als auto, vogel of wat dan ook, dan kun je het herkennen registreren. Als er een gedachte of genieten plaatsvindt met betrekking tot de zintuiglijke waarneming, registreer dan eveneens het denken, genieten of de gehechtheid.
Op deze manier werken (innerlijke) discipline en opmerkzaamheid als voorbehoedmiddel en als >in-hechtenis-nemer= van zintuiglijk genot en gehechtheid.
Het eerste leger van Mara kan zich ook manifesteren als gehechtheid aan een partner, kinderen, familie, eigendom, werk (bijvoorbeeld een eigen zaak of een verantwoordelijke baan) of vrienden. Hierdoor ga je dromen, wil je brieven gaan schrijven, telefoneren of even naar huis om te kijken of de kinderen zich wel redden. Ook hier is gehechtheid de drijfveer, die verleidt tot het tijdelijk of helemaal stoppen van het meditatieproces. Het beste medicijn blijkt een resolute beslissing te zijn om dit dromen, de gedachten en gevoelens van verlangen, gehechtheid, eenzaamheid, angst, bezorgdheid of verantwoordelijkheid niet te volgen maar deze consequent te integreren als meditatie-object. Zo kan de eerste verleiding overstegen worden.
2. Ontevredenheid (arati).
Deze verleiding groeit als iets niet naar je zin is. Met name tijdens intensievere meditatieretraites kan ontevredenheid op een subtiele manier binnensluipen en het meditatieproces gaan beheersen. Het kan allerlei oorzaken hebben, zoals bijvoorbeeld een communicatie-stoornis met de begeleider. Ook de plek waar je mediteert kan ontevredenheid opwekken, doordat je je kamer te klein of te lawaaierig vindt, of je kunt niet slapen omdat je buurman of buurvrouw snurkt. De retraite-sfeer kan ervaren worden als te streng of juist te weinig stimulerend om opmerkzaamheid te kunnen ontwikkelen enzovoort.
Overal en zeker in Z.O.-Aziatische kloosters tref je bijna altijd onverwachte elementen aan, die je in eerste instantie interpreteert als verstoring. Enkele voorbeelden die ik zelf (en vrienden van me) in Thailand en Birma hebben ervaren:
 |
de elektriciteit valt (regelmatig) uit;
|
 |
er vallen kokosnoten met een enorme klap op het aluminium golfdak van je meditatie-hutje;
|
 |
jonge monniken vragen je regelmatig of je ze Engelse les geeft;
|
 |
je wordt ziek en kunt daardoor niet het vertrouwde meditatie-programma volgen;
|
 |
het voedsel is niet naar je zin;
|
 |
de vertaler of meditatieleraar blijkt plotseling een paar dagen of een week op vakantie te zijn;
|
 |
er vindt een 'invasie' in het meditatiecentrum plaats door nieuwsgierige bezoekers of leerlingen van de plaatselijke politieschool, waardoor er plotseling geen plek meer is in de meditatiezaal;
|
 |
je wordt gevraagd om mee te werken aan een foto(reportage) of interview;
|
 |
in Nederland: middelbare scholieren gaan mediterenden, die buiten naar de eetzaal toe loop-meditatie beoefenen, aanmoedigen en de 'race naar de eetzaal' onderling becommentariseren en zetten in wie er wint enzovoort.
|
Dit zijn in feite boeiende leermomenten, want of je wilt of niet, onverwachte, onplezierige of afleidende elementen kom je overal in het leven tegen. Ze laten je duidelijk de oncontroleerbaarheid en onvoorspelbaarheid van het bestaan zien. Tegelijkertijd kun je leren om onplezierige gevoelens en ontevredenheid te gebruiken als meditatie-object en te benoemen in plaats van er mee aan de haal te gaan en ingewikkelde toeren uit te halen om de situatie weer naar je hand te zetten. Ook kun je het als een uitdaging beschouwen om grenzen te leren stellen en op een wijze manier 'nee' te leren zeggen als je meditatieproces in gevaar komt. Tenslotte kun je leren om met weinig tevreden te zijn. In de regel kun je zo dit tweede leger overwinnen.
(wordt vervolgd)
Voorpublicatie van het door Frits Koster geschreven boek "zuiverheid, mededogen, wijsheid" (voorlopige titel). Dit boek wordt najaar 1999 uitgegeven door uitgeverij Asoka.
|